Verlies en rouw

Rouw bij een kind of adolescent is heel ingrijpend. Een kind of adolescent heeft meestal nog geen ervaring met het overlijden van een naaste. Ze weten uit onervarenheid niet dat het op den duur weer beter zal gaan. Ze krijgen voor het eerst te maken met het missen van een belangrijk persoon in hun leven. Ook verandert de sfeer in het gezin. Dit is afhankelijk van de persoon die overleden is en de band die het gezin er mee had. Het verliezen van een ouder zal grootse impact hebben op een kind. Soms heeft een kind al een grote verandering meegemaakt doordat de ouder een ziektebed heeft gehad. Hoe een kind hiermee omgaat zal per kind verschillen.

Rouwverwerking

Rouwverwerking is de manier waarop het kind na een ingrijpende en verdrietige ervaring tot rust probeert te komen. Dit proces kan ook optreden na verlies van een vriendje/vriendinnetje door verhuizing, het verlies van een huisdier en zelfs na verlies bij een wedstrijd. In deze tekst hebben we het specifiek over rouw bij kinderen na verlies van een dierbare.

Fasen van rouw

De psychiater Elisabeth Kübler-Ross heeft vijf fasen omschreven die de meeste mensen geheel of gedeeltelijk doorlopen om na een traumatische ervaring weer tot rust te komen. Deze fasen zijn niet voor iedereen even intensief en ook verschilt de volgorde vaak. Iedereen verwerkt rouw op zijn eigen manier. De fasen worden ook bij kinderen herkent.

De fasen volgens Kübler-Ross

  1. Ontkenning
  2. Protest (of boosheid)
  3. Onderhandelen en vechten
  4. Depressie
  5. Aanvaarding

Rouwontwikkeling bij een kind

Het Jonge kind: vanaf ongeveer 2 jaar kennen kinderen het begrip van afscheid nemen. Vanaf deze leeftijd gaan kinderen de persoon die weggaat missen. Het idee van de dood is nog vaag. Ze begrijpen dat een ouder er even niet kan zijn en verwachten dat deze ouder terug komt. Jonge kinderen kunnen hun ouders zelfs gaan zoeken. Kinderen kunnen wisselende emoties tonen. Deze emoties kunnen heel tegenstrijdig zijn. Het kind krijgt te maken met vragen van kinderen op school, voelt een vervelende sfeer in zijn omgeving en kan gevoelens daarover misschien lastig uiten. Woede-uitbarstingen zijn een manier om te ontladen. Ook kan angst ontstaan als een dierbare plotseling overlijdt. Soms voelen kinderen zich schuldig omdat ze iets lelijks tegen de dierbare hebben gezegd en bang zijn dat dit de dood heeft veroorzaakt. Sommige kinderen zullen heel lief en rustig zijn om andere mensen te ontzien. Ieder kind verwerkt het op zijn eigen manier.

De pre-puber: algemeen aangenomen wordt dat kinderen vanaf 8 – 9 jaar ongeveer een zelfde beeld hebben van de dood als volwassenen. Uiteraard verschilt dit per kind. Het ene kind kruipt meer in zijn schulp en heeft een gevoel dat het door zijn omgeving niet begrepen wordt. Het kan zijn dat het zich niet prettig voelt op school en schoolresultaten achteruit gaan. Soms willen kinderen ook wel eens een te behulpzame rol in huis op zich nemen. Wanneer dit altijd al het geval was, omdat bijvoorbeeld de overledene een lang ziekte bed heeft gehad, is het goed dat het kind zijn ‘taak’ nog steeds mag uitvoeren. Het ineens niet meer mogen zorgen, veroorzaakt verwarring. Wees u wel bewust dat het hier nog steeds om opgroeiende kinderen gaat. Zij hebben de kindertijd nodig om zich goed te kunnen ontwikkelen. Kinderen moeten gestimuleerd worden om buiten te spelen, plezier te maken en met vrienden af te spreken. Waak er voor dat een kind die niet eerder een zorgende taak had, deze niet alsnog op zich gaat nemen. Vertel dat het gedrag ontzettend lief is maar dat u graag heeft dat het kind gaat spelen en plezier maakt. Een ander kind uit zich door juist veel van huis te gaan en op te trekken met leeftijdsgenoten. Sommige ouders merken niks aan hun kind, terwijl het kind wel degelijk rouw ervaart. Kinderen kunnen ook juist heel graag naar school gaan, omdat alles daar gewoon doorgaat.

De puber / adolescent: De puber of adolescent bevindt zich in een proces van losmaken van de ouder. Als dit proces wordt onderbroken door het overlijden van een van de ouders kan dit negatieve gevolgen hebben op de identiteitsontwikkeling van de jongere. Het proces van loslaten wordt hem als het ware uit handen genomen, terwijl dat normaal op ‘natuurlijke wijze’ door henzelf gebeurt. Hetzelfde geldt voor de relatie met de ouder die er nu alleen voor staat. De jongere kan zich schuldig gaan voelen als hij/zij meer een eigen leven wil gaan leiden. Jongeren richten zich vooral op leeftijdsgenoten. Ze willen niet anders zijn en doen moeite om aan de buitenkant niks te laten merken. Dit wil niet zeggen dat zij vanbinnen niet het verdriet en de pijn voelen.

De gezinsstructuur verandert. Dit betekent dat regels en gewoonten opnieuw gevormd moeten worden. Het gevaar bestaat dat de jongere de rol van de overleden ouder op zich gaat nemen. Dit proces moet absoluut niet worden aangemoedigd. Het is normaal dat een jongere meer verantwoordelijkheden krijgt. Al zal de ouder zich moeten beseffen dat het nog steeds een kind in ontwikkeling is en het niet dezelfde verantwoordelijkheden kan dragen als een ouder.

Rouw

Ook al is er een indeling gemaakt per leeftijdgroep, kinderen en volwassenen rouwen allemaal op een eigen manier. Er wordt gezegd dat rouwen ongeveer 6 maanden duurt. Het is echter discutabel of er een tijd gekoppeld kan worden aan rouw. Toch is het goed om na te gaan of op een gegeven moment hulp ingeschakeld moet worden. Dit kan preventief werken en zorgt ervoor dat een kind zijn of haar verhaal kwijt kan aan een persoon die emotioneel niet bij de situatie betrokken is.

Volgens de hulpverleners Mariken Spuij en Paul Boelen (2009, 2008) van de Universiteit Utrecht voorspelt de aanwezigheid van de volgende symptomen zes maanden na het verlies problemen op lange termijn:

Wat u zelf kan doen

Het is belangrijk dat de omgeving (denk aan school, kinderdagverblijf) weet wat er speelt. De school kan steun en advies bieden. Het is niet vreemd dat wanneer u zelf in het rouwproces zit u een beroep doet op uw omgeving. Doe dit juist! Het is belangrijk voor uw kind dat er stabiele personen in de omgeving zijn die helpen de dagelijkse gang van zaken zo normaal mogelijk door te laten gaan. Dit geeft het kind houvast. Wij adviseren u om een gesprek aan te gaan met uw kind over de dood en/of vragen over de dood te beantwoorden. Leg bijvoorbeeld het nog jonge kind uit dat dood gaan niet hetzelfde is als slapen. Dit wordt vaak tegen kleine kinderen gezegd. Dit kan echter angst voor het slapen veroorzaken. Laat uw jonge kind naast praten vooral ook tekeningen maken voor de overledene, voor u of voor zichzelf. Tekenen is voor kleine kinderen een goede manier om emoties te uiten. Deze tekeningen kunnen ook in de kist van de overledene gelegd worden. Het is een onjuiste gedachte dat je kinderen beschermt door ze niet te betrekken bij een begrafenis of crematie. Betrek ze er juist bij en laat ze op hun manier een ceremonie houden voor de overledene. Bijvoorbeeld door iets moois te schrijven of te tekenen of bloemen uit te zoeken die het kind naar de kist mag brengen.

Zorg ervoor dat de kinderen (van alle leeftijden) genoeg tijd overhouden om te kunnen spelen, leren en ontwikkelen. Daarnaast is het belangrijk dat zij zoveel mogelijk contact hebben met leeftijdsgenootjes. Laat hun weten dat het nog steeds goed is dat zij spelen en plezier hebben. Als er problemen ontstaan probeer dit zoveel mogelijk open te bespreken. Wanneer dit niet lukt, zorg dan dat er iemand gezocht wordt die hier passende hulp bij kan bieden. Een professionals van Jonger kan u helpen.

Neemt u gerust contact met ons op voor meer informatie. Jonger helpt u graag op weg!

Andere thema's
Scheiding

Nieuwsbrief

Nieuwsbrief